Van voor naar achter

Een maand geleden ging ik van het ene op het andere moment van voor de klas naar achter de computer. Wat is dit een maand geweest van aanpassingen voor iedereen!

Was er op 12 maart nog sprake van dat we in het onderwijs door zouden gaan, in het weekend op 15 maart werd er toch besloten, dat ook scholen dichtgingen. Corona-thuiswerken begon. De week ervoor was ik zelf goed verkouden geworden, ik had geen koorts, maar ook geen stem. Dus op maandag had ik sowieso niet voor de klas gemogen, omdat toen de regel al gold: ‘Met hoestsymptomen blijf je thuis.’

Een dag later waren we al pakketjes aan het maken voor onze leerlingen. Bedenken wat we mee wilden geven, wat er nodig zou zijn tot in ieder geval 6 april. Op woensdag was er het ophaalmoment voor de ouders en de kinderen. Niet in school komen, maar de spullen ophalen bij de deur van het lokaal. Ook dat hadden we nu geregeld.

Wel een groot geluk bij een ongeluk voor ons, is dat we al 3 jaar met Snappet werken. Dus voor kinderen is het werken niet heel erg veranderd, alleen doen ze de opgaven thuis. Dat heeft het voor ons wel gemakkelijk gemaakt. We hebben als school afgesproken, dat kinderen werk krijgen voor twee uur per dag in de hoofdvakken en dat we elke dag een planning opsturen.

Dinsdagmiddag begon ik pas echt achter de computer: ik maakte een PowerPoint voor de kinderen om bij elk onderdeel van de volgende dag ze konden bekijken en beluisteren, wat ik verwachtte en wat ze moesten doen. Ook hebben we als afspraak, dat we de werkplanning elke ochtend versturen via MijnSchoolinfo. Wat een leuke complimentjes kreeg ik de dag erna. Ouders waren blij met de uitleg, zodat zij ook door hadden wat de bedoeling was.

Vanaf die dag heb ik elke dag een PowerPoint gemaakt, elke dag met instructies en uitleg, met plaatjes, met foto’s, met persoonlijke verhaaltjes. Het is veel werk, maar het is ook een goede manier geworden voor de kinderen. Ik had er ook een andere reden voor, want ik was nu de even de enige leerkracht voor mijn groep. Op 1 april begon mijn nieuwe collega pas en tot die tijd had ik een invallende leerkracht, die nu meer bezig ging met de ICT bij ons op school. Het inhoudelijke gedeelte van de lessen kwam dus bij mij terecht. Dat hield wel in, dat ik dus alle 5 dagen online bezig was met het voorbereiden en het reageren op e-mailtjes van ouders en kinderen. Wel lastig, omdat ik 3 dagen werk… De grens tussen privé en werk was echt helemaal zoek.

Al in de eerste week begon de stroom van mailtjes van uitgevers, die allerlei aanbiedingen deden om thuiswerken te vergemakkelijken. Meer dan 100 berichten heb ik op een gegeven moment maar opgeslagen in ‘lesideeën tijdens Corona’. Waar ik echt blij mee was, was de chatfunctie in Snappet, alleen had die wat opstartproblemen de eerste week. Dus dat werkte niet meteen.
In de tweede week heb ik zoveel mogelijk kinderen thuis gebeld met mijn eigen telefoon, met m’n nummer onherkenbaar. Daardoor konden ze vragen stellen, kwam ik erachter hoe het ging en kon ik regelen dat 3 kinderen een device van school kregen om thuis te werken.

Vanaf de 2e week kregen we toegang tot Teams, de leerkrachten dus. We hadden echt de tijd nodig om te weten te komen hoe het werkt, wat handig is, waar de knoppen zitten, hoe je met anderen chat. Dat was niet de moeilijkheid, maar hoe je belt en dan met meerdere tegelijk. En dan de optie van het opnemen van het videogesprek. Het is me één keer gelukt, maar ik heb dat daarna niet meer gedaan. Ik had op een gegeven moment een paniekaanval; hoe moet het allemaal, ik snap het niet, het lukt niet. Maar goed…
Dus na een aantal dagen leren en ervaren, kwam het moment, dat alle ouders een mail kregen met hun inlogcodes voor hun kind. In de 3e week konden kinderen met mij chatten in plaats van dat alles via de mail van de ouders ging. Dat moet toch een opluchting zijn geweest voor ouders… maar ook voor hen moet het ook een uitdaging zijn geweest om alles aan het werk te krijgen. Maar ook nu duurde het nog meer dan een week voordat alle kinderen op deze manier te vinden waren.

Wat ik nu ook regelmatig doe en dus heb moeten leren, is het maken van een instructiefilmpje. Daar gebruik ik de Windows knop samen met G voor (game-mode) en dan wordt wat ik zeg en doe in mijn scherm opgenomen. Geweldig, zo kan ik soms speciaal voor een paar kinderen of voor specifiek eentje een filmpje maken en dan bekijken ze dit via Teams.

Toch geniet ik wel van Teams om op die manier contact maken te maken met mijn kinderen. De eerste keer had ik in een groepsgesprek 16 kinderen uitgenodigd voor een instructiemoment, maar dat vond ik toch echt teveel kinderen in één keer. Dan zie je ze niet allemaal en het geluid van alle huiskamers komt dan binnen. Dus daarna heb ik steeds groepsgesprekjes gedaan met 4 kinderen. Een keer over een woordweb dat ze hadden gemaakt, een keer over een tekst die ze hadden geschreven. En daar tussendoor dus steeds weer kinderen bellend met specifieke vragen of voor een instructie. Het gaat best goed zo.

Pas in deze laatste week heb ik een paar kinderen aan de telefoon gehad, die verdrietig werden. Die het zo niet meer leuk vinden om alleen met pappa en mamma thuis te zitten; Die hun vriendjes of vriendinnetjes missen; Die de gezelligheid van school missen en de vaste structuur die wij bieden. Die mijn uitleg beter vinden dan die van pappa of mamma thuis.

We zijn nu al lang voorbij de 6e april, want de Corona-thuiswerkperiode werd verleng tot 28 april (voor ons dus tot de meivakantie). Dus nu heb ik een nieuwe duo-collega, waar ik samen de klas mee draai. Die van het een op andere moment heeft geleerd om ook PowerPoints te maken, omdat ze daar graag mee door wilde gaan voor de continuïteit. Die ook heeft moeten leren om via Teams kinderen te spreken en te chatten. Voor haar is het echt lastig, want ze kent de kinderen niet eens live. Alleen door mijn overdracht en nu dus door gesprekjes en chatjes. Heel bijzonder dus.

We zijn nu aan het afwachten tot we op 21 april horen, wat de plannen zijn voor na de meivakantie. Ik heb zoveel vragen:
– Moeten we ons nog verder aanpassen aan de bestaande situatie? Welke eisen worden dan gesteld aan de hoeveelheid werk?
– Of moeten we weer gewoon onderwijs gaan geven, omdat kinderen op de een of andere manier Corona iet overbrengen? Hoe kan dat nou goed gaan, als je bedenkt, dat wij als volwassenen daar dan tussen staan en lopen?
– Hoe moet dat dan met de jongere groepen, waarvan de kinderen totaal nog niet afstand kunnen houden? Dat heb ik wel gemerkt bij het opvangen van de kinderen op school. Bij elke vraag staan ze toch ineens naast je…
– Of moeten we weer op een andere manier ons gaan aanpassen met halve klassen? En zo ja, hoe moet het dan met de kinderen, die thuiswerken en dan geen instructie of uitleg kunnen krijgen?
– Kunnen die halve klassen dan wel in het lokaal? 14 kinderen op 70 vierkante meter, waarbij ik het geluk heb, dat ik een groot lokaal heb.
– Hoe moet dan met een anderhalve meter afstand, als ik niet in de buurt mag komen van kinderen om uitleg te geven? Hoe moet ik troosten, een pleister plakken, iets aan een kind geven?
– Hoe moet dat dan met het afstand houden tussen kinderen? Hoe moet dat dan met de twee wc’s, die er zijn voor de kinderen? Met die ene kraan, waar ze allemaal hun handen moeten wassen?
– En als kinderen op anderhalve meter afstand van elkaar zitten, hoe moet ik daar dan tussendoor lopen? Kan ik dan die afstand houden of moet ik alleen voor de klas blijven staan, als in een soort afgebakend gebied (als een gevangeniscel)?

Of blijven we doorgaan met deze manier van thuiswerken, waarbij ik een keer per week ook op school kinderen opvang van ouders met cruciale beroepen? En ik dus thuis reageer op vragen, chats, mails en alle andere dingen? Waarbij ik elke dag achter de computer zit? Waarbij ik voor de camera uitleg geef? Ik ben benieuwd!

2 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.