Interview over de Snappet

Een paar weken geleden werd ik geïnterviewd over Snappet. Deze week sta ik in de nieuwsbrief van het SCOH. U kunt het hieronder lezen.

Basisschool De Waterlelie werkt sinds dit jaar met Snappet. Kinderen krijgen spelling, rekenen en taal op de iPad. Groepsleerkracht Nienke Herrewijnen is één van de trekkers van het project en zij is razend enthousiast.

,,Ik kende Snappet al, ik had ervan gehoord, maar op een beurs zag ik pas hoe het werkte. Ik was direct enthousiast’’,  vertelt Nienke. Haar klas mocht een half jaar lang een pilot doen met rekenen en sindsdien is Nienke groot voorstander van Snappet.

Oefensommen op de tablet
Ze legt uit hoe het werkt. ,,Neem een rekenles over rekenen met getallen tot 10.000, bijvoorbeeld.   Ik begin met instructie zoals elke andere les. In plaats van dat kinderen daarna hun werkboek pakken en zelfstandig aan de slag gaan, pakken ze hun tablet en daarop maken ze hun oefensommen.’’

De tablet past het niveau aan, aan het kind. Leerlingen die de sommen goed maken, krijgen moeilijkere sommen. Wie fouten maakt, krijgt herhalingsstof of krijgt sommen op een lager niveau.
,,Als juf zie ik precies wat leerlingen doen. Na tien minuten zie ik wie moeite heeft met de sommen. Die kinderen roep ik dan bij me voor extra instructie. Ik kan dus heel snel reageren, ik hoef niet te wachten tot ik hun werkboek nakijk. Dat is voor de kinderen heel fijn.’’

Onderwijs op niveau
Het enthousiasme van Nienke slaat over op de rest van het team want na een pilot van een half jaar in haar groep, is De Waterlelie afgelopen schooljaar in groep 4 tot en met 8 aan de slag gegaan met Snappet. Naast rekenen zijn ook spelling en taal nu op Snappet. ,,In mei hebben we als team besloten ermee door te gaan. Iedereen is zo enthousiast. Het scheelt veel nakijkwerk en je kunt echt onderwijs op niveau aanbieden. Dat bereik je niet met boeken, werkboeken en schriften. Bovendien merken we dat de kinderen het heel fijn vinden, heel modern.’’

Schrijven blijft belangrijk
Toch is er landelijk ook kritiek op deze manier van lesgeven, het zou slecht zijn voor de ogen van kinderen en bovendien komt het het schrijfonderwijs niet ten goed. Nienke: ,,Ik heb oudere kinderen, die doen op het hbo bijna niets meer met schrijven, alles gaat op de laptop. Natuurlijk moeten jonge kinderen leren schrijven en ook op het vervolgonderwijs is het belangrijk dat studenten meeschrijven, want dan blijft de informatie beter hangen. Maar het netjes schrijven dat vroeger heel belangrijk was, is nu minder van belang. Schrijven blijft belangrijk en heeft onze aandacht.’’

De Waterlelie zal dus zeker niet kiezen om voor alle vakken met Snappet te gaan werken. ,,Voor kinderen is het fijn als je gedurende een schooldag verschillende onderwijsvormen gebruikt, variatie maakt het leuker. De hele dag op de tablet is niets, dan gaat juist het bijzondere ervan af.’’

Link naar site: SCOH

Trots op werken in het onderwijs

Ik heb een drukke week achter de rug. En als ik erover nadenk, is dit niet eens een week met echte uitzonderingen. Er is elke week wel wat extra’s te doen, naast het lesgeven en het voorbereiden van lessen. Ik werk 3 dagen, maar deze week ben ik bij elkaar zeker nog 8 uur extra uur bezig geweest voor school. Een opsomming:

– Toetsen van Cito, methodetoetsen van spelling, taal en van een van de zaakvakken.  Daarna invoeren in het leerlingvolgsysteem en het verwerken in een soort verzameldocument. Heel veel nakijkwerk en administratiewerkzaamheden dus… minder leuk dit soort dingen.
– Als bouwcoördinator ben ik deze week bij al mijn collega’s in mijn bouw langs geweest om te inventariseren, wat ze volgend jaar willen gaan doen. Per collega 10 minuten, dus totaal toch z’n anderhalf uur. Wel heel leuk om te doen, die persoonlijke gesprekjes.
Vol ideeën leerkrachtIn april doen we met de hele school een project. De titel wordt “Oh, oh, Den Haag”. Deze week moet iedereen zijn onderwerp met een uitstapje inleveren, zodat de commissie dat de komende tijd kan regelen. Je raadt nooit wie er ook in die commissie zit… 🙂
Op zoek gaan op het internet naar lesideeën wordt al gauw een flinke tijd doorbrengen op allerlei sites. Zoveel ideeën, zoveel mogelijkheden… Zeker wel leuk om me in te verdiepen.
– Als leescoördinator hebben we in de leerwerkgroep bedacht dat we een pilot ‘tutorlezen’ willen gaan doen na de voorjaarsvakantie. Dat houdt in, dat we de groepen door elkaar husselen en oudere kinderen met jongere kinderen samen laten lezen. Deze week gingen we op zoek naar geschikte boeken hiervoor, samenleesboeken en toneellezen. Ook weer heel leuk om te doen, want dit heeft zeker mijn interesse. maar je snapt het al, even zoeken op internet kost tijd en daarna de titels bekijken met een collega om een keuze te maken…
– Als ik dan klaar ben met alle dingen, schrijf ik nog een overdracht voor mijn duo. Zij moet ook weten, welke bijzondere dingen er deze week gebeurd zijn en waar nog aandacht voor nodig is. ‘Eventjes gedaan’.
– Aanstaande maandag hebben we een studiedag, waarop we gaan bedenken hoe en wat we het komende halfjaar willen bereiken met onze leerlingen. Fijn, dat we daar een dag voor hebben om zonder kinderen met elkaar te kunnen overleggen. Fijn, dat we dat niet ‘even’ na schooltijd hoeven te doen.

Omdat ik net een halfjaar thuis heb gezeten, merk ik wat een tijdrovende bezigheid het onderwijs toch vaak is. Ik merk dat ik veel tijd nodig heb voor alle dingen naast het onderwijs. Ik houd van uitdagingen, maar tijd is geen leuke uitdaging. Dat is puzzelen en soms te lang doorgaan. Ik ben op zoek naar de balans van werken en ontspanning en dat doe ik meer dan een jaar geleden, ook omdat ik anders te weinig mijn armen en schouders beweeg en heel stijf wordt.
Afbeeldingsresultaat voor passieToch heb ik aan mezelf gemerkt, hoe ik het werken met kinderen heb gemist. Blijkbaar is de keuze, die ik 25 jaar maakte om het onderwijs in te gaan toch ook nu nog mijn passie. Ik merk alleen, dat ik in dit soort maanden met veel extra’s naast het lesgeven wel eens denk: “Ik kan wel bij een supermarkt gaan werken. Dan hoef ik alleen maar de artikelen te scannen en te vragen of iemand zegels wil.”
Maar ik heb vroeger bij AH gewerkt en dat deed ik het eerste jaar achter de kassa, nog in de tijd dat je alle prijzen uit je hoofd moest weten. Dat ging me heel goed af en binnen twee jaar was ik regelmatig verantwoordelijk voor het tellen van de kassaladen en het afsluiten van de winkel. Dus ja… ik denk dat ik ook daar nooit een eenvoudige baan zou houden. Lol!

Toch is het jammer van de week om dit artikel te lezen: “Derde van jonge leraren stopt voor dertigste”. Ik snap het wel, want veel kansen om door te groeien en meer te gaan verdienen heb je in het onderwijs niet. Je hebt de gewone leerkracht; de leerkracht, die zich ergens in heeft gespecialiseerd, de intern begeleider, de adjunct en de directeur. En dat is het qua ontwikkeling, ook op het gebied van mogelijkheden en verbreden van je kennis en werkzaamheden. En als je je wilt verdiepen in iets, dan doe je dat in je eigen tijd, zoals ik vorig jaar deed met mijn opleiding tot leescoördinator.
In een van de formatiegesprekjes met een van mijn collega’s hebben we het over het vinden van een andere baan. De collega vraagt zich af wat zij dan zou kunnen gaan doen, als zij zou stoppen in het onderwijs. Ik kan zo weinig, zegt de collega. Maar dan zeg ik: “Dat is bijzonder, ik denk dat wij als leerkrachten juist heel veel kunnen. We werken met kinderen, houden alles in de gaten, kunnen alle vakken geven, die gevraagd worden. We verdiepen ons in rekenen, taal, spelling, woordenschat, zaakvakken, extra lessen als sociale vorming en godsdienstonderwijs. We kunnen analyseren, verwerken van gegevens en dat allemaal zo inplannen, dat het op tijd klaar is. We gaan in gesprek met ouders over hun kinderen en soms met hun kinderen erbij. We maken ons zorgen over de ontwikkeling van die kinderen en sturen die bij waar nodig. Hoezo… ik kan zo weinig?”
Ken je

Afbeeldingsresultaat voor leerkrachtIk ben trots op wat ik doe en wat ik kan. Ik ben een leerkracht in het basisonderwijs en doe dit werk met veel plezier. Ik daag kinderen graag uit om meer uit zichzelf te halen en ik hoop dat ik dat nog wel een tijd kan blijven doen.

Wat maakt dat jij trots bent op het werken in het onderwijs?
Schrijf je reactie hieronder.

Ik-rapport

Een interessant rapport, het overwegen waard om mijn schoolkinderen te laten inkleuren. Als ik weer aan het werk ga, kan ik veel over hen te weten komen. Zeker als ik daarna met hen erover in gesprek ga… Een mooi idee voor na de kerstvakantie.

Bewerkt op 31 januari: Ik hen inderdaad de leerlingen in mijn klas dit ik-rapport laten inkleuren. Wat een geweldig leuke manier om kinderen over zichzelf te laten nadenken. Na het inkleuren heb ik ze het laten uitleggen aan een andere leerling en binnenkort ga ik in gesprek per kind over hun eigen rapport. Het past goed bij de ontwikkeling van onze school op weg naar meer ouderbetrokkenheid.

Gevonden via Semko. Voor het blad deze link.  Het is natuurlijk een momentopname.

Muziek weer een kerndoel

Dit artikel las ik een tijdje geleden en de link had ik naar mezelf opgestuurd.
Net lees ik het weer en ik weet dat ik er helemaal achter sta:

Maak muziek weer een kerndoel

Maar dan wel met een vakdocent, die weet wat hij speelt, die weet wat hij doet.
Laat het alsjeblieft niet nog een van de taken worden van ons, de basisschoolleerkrachten, die van alle markten thuis moeten zijn. We kunnen en doen al zoveel en dit dus niet goed genoeg. Oke, ik spreek voor mezelf… 🙂

In de 24 jaar dat ik voor de klas sta heb ik gemerkt, dat muziek steeds minder belangrijk werd. Er bleef minder tijd voor over en als je al muziek gaf, dan was je als leerkracht een uitzondering. Muziek is mijn lust en leven, bij verdriet en bij blije tijden geeft het mij een goed gevoel. Dat kan ik wel overbrengen aan kinderen.

En de rest? zie nogmaals het artikel hierboven!

Fout in basisonderwijs

Een geweldig verhaal van Kees van Amstel: Een hart onder de riem voor de leerkrachten van het basisonderwijs. Ik heb genoten van zijn humoristische manier van vertellen, maar niet alleen dat: ik heb genoten van de vele aanhalingen van de drukke werktaken die ik ook werkelijk zo voel en meemaak. Mocht je het nog niet gehoord/gezien hebben, bekijk dan hieronder dit filmpje:

Het filmpje spreekt voor zich. Ik vond het wel ‘leuk’ om ook een brief te schrijven.

Beste Dekker en Bussemaker,

Er gaat iets vreselijk fout in het basisonderwijs. In mijn klas van 27 kinderen heb ik één kind met een specifieke aandoening, heeft een kind moeite met leren en onthouden, heeft een ander kind heel veel moeite met het omgaan met zijn emotionele gevoelens en wil zich regelmatig verstoppen onder zijn tafel, achter een deur of hij kan weglopen. Dan heb ik ook nog een paar gewone kinderen, die problemen liever oplossen met hun handen of voeten… en dat kost rustig een kwartier per middag als het tegen zit. En dan denk ik nog aan de 5 kinderen, die heel veel moeite hebben met spelling en dus elke dag extra aandacht nodig hebben om zo goed mogelijk te leren spellen. En oh, ik vergeet de 4 slimmere kinderen, die graag meer uitdaging willen dan het gewone lesprogramma.
Voor deze 10 tot 14 gewoon bijzondere kinderen maak ik aparte programma’s, moet ik extra dingen regelen, kopiëren, maken en dit verantwoorden in het registratieprogramma Esis. Hoe geef ik op een verantwoorde manier alle kinderen de benodigde aandacht?

Ik geef alle 27 kinderen les in rekenen; tafels aanleren; technisch netjes leren schrijven; taal en spelling; zaakvakken. Ik doe mijn best om hun leesniveau op te krikken, zodat ze zich kunnen redden bij onder andere begrijpend lezen. Ik geef verkeer, ik geef Kwinklessen (sociaal-emotionele methode waar het pestprogramma in is verwerkt) en verder wordt van mij verwacht Trefwoordverhalen te vertellen en de kinderen te begeleiden in hun omgang met elkaar en met respect om te gaan met iedereen. En dan het vergaderen natuurlijk, wat erbij hoort, als je wilt dat op school alles redelijk soepel verloopt. *

Bedenk wel, dat ik de keuze om leerkracht in het basisonderwijs te worden bewust heb gemaakt. Ik heb dit altijd gewild en als ik de keuze weer zou moeten maken, dan zou ik weer de PABO gaan doen. Ik vind het nog steeds heel gaaf, dat ik kinderen in hun ontwikkeling mag helpen, hen nieuwe leerstof mag aanbieden en een verschil kan maken. Maar pfff, wat ben ik soms moe na een week (ahum 4 dagen) werken.
Waar dat in zit? Ik ben deze week 2 avonden ’s avonds extra bezig geweest (en dat is geen uitzondering). Het nakijken van een toets lukte na schooltijd niet, want we hadden een vergadering. Daarna wilde ik die avond ook de rekenschriften nagaan, want ik had iets nieuws aangeboden en dan is het toch slim om te weten, wie er nog moeite mee heeft. En vanavond wilde ik alle ‘kleine’ dingen doen: mailen met een aantal ouders, een update sturen naar de maatschappelijke werkster, een planning maken voor de laatste 8 weken… alle mail gelezen hebben en verwerkt, wat zoveel betekent, dat ik alles lees en erop reageer en dan verwijder.
We hebben een mooie aanpassing gekregen in onze werktijden verantwoording. Zoveel uur werken per week betekent het verschil in zoveel weken vakantie. Netjes te berekenen voor leerkrachten en dan lijkt het alsof er meegedacht is. Maar als ik tussen vakanties meer werk, denkt u dan werkelijk, dat ik die uren terugkrijg?
Mijn hart staat nog steeds open voor werken in het basisonderwijs, maar vooral de afgelopen maanden sta ik stil bij: “Ga ik werkelijk nog 20 jaar werken op deze manier? Ben ik werkelijk bereid om tot mijn 67e zo door te gaan? Is dat gezond?”

Er gaat iets vreselijk fout in het basisonderwijs, want we werken ons werkelijk een slag in de rondte en dan lees ik berichten als:
– Laten we Engels in het hele basisonderwijs verplichten. (Wanneer dan in de week?)
– Kinderen eigenaar maken van hun eigen leerproces. (Huh, een kind van 8, dat bewust kiest voor wat hij gaat leren?)
–  Passend Onderwijs: Ja, laten we alle kinderen in de klas houden, zodat elk kind aangepast onderwijs kan krijgen. Dus op mijn klas van 27 kinderen zijn er 5 met een bijzonder leerproces. Zijn alle kinderen er werkelijk bij gebaat? Ik geen deze 5 kinderen extra aandacht, maar de kinderen die een gewoon probleem hebben en aandacht nodig hebben, komen pas als laatste aan de beurt. Passend voor wie?
– Een kind dat niet past in het Passend Onderwijs. Weten jullie hoeveel formulieren moeten worden ingevuld? Weten jullie hoeveel onderzoeken en observaties er gedaan moeten zijn? Weten jullie hoeveel gesprekken gevoerd moeten worden met ouders, met externe partijen, met begeleidingsdiensten, met schoolmaatschappelijk werk, met gezinscoachen, met ik vergeet er vast nog veel meer… ? Zucht, dat neemt meer dan anderhalf jaar in beslag. Voor wie is dat passend? Voor de leerling, voor de andere leerlingen of voor de leerkracht?
– De Eindtoets van groep 8 moet waarschijnlijk weer veranderd worden. Na één jaar wordt dit al geconcludeerd. Met alle veranderingen en aanpassingen die daarmee verband houden hiermee en de conclusie, dat leerkrachten dus geen goede adviezen kunnen geven? Zonde van al het geld en al de energie die erin is gestopt.
– De werkdruk, die ik zelf aardig om kan zetten naar werkplezier. Maar als ik mijn collega’s spreek hebben die daar toch regelmatig wel last van. (Van werkdruk naar werkplezier heeft mij aardig geholpen)
– Onderwijs 2032, waar ik me werkelijk over verbaas. Helaas is de site daarvan niet veilig, mijn virusprogramma geeft aan dat deze site niet veilig is en dus blockt hij het.
🙂 🙂 🙂 Toeval bestaat niet.
– En dan dit punt: de in de zeer nabije toekomst volgende aanpassing van het basisonderwijs, die we dan zo snel mogelijk onder de knie moeten krijgen.

Wanneer mogen we even wennen aan veranderingen, voordat de volgende aanpassing door de strot wordt gedouwd?

 

Met vriendelijke groeten,

Nienke

 

Andere links:
o En dan bedenk ik dat ik eerder geschreven heb over Passend Onderwijs: zie hier.
o Link naar Engels in het basisonderwijs

 

* Ik vergeet in dit rijtje gemakshalve maar laatjes opruimen, pennen die kapot gaan, geven van CKV, moederdag- en vaderdagcadeautje bedenken en inpakken, ruzietjes om niks, spannende dagen in december, Paas- en Kerstviering, mailen met ouders over allerhande vragen, bezoeken van het museum, uitstapje naar het theater, inplannen van het computergebruik, Kinderboekenweek, Cito’s afnemen, sportdag, Oranjefeest of Koningsspelen, groep 8 kamp, juffendag, verjaardagen van kinderen, spreekbeurten, schoolreisje … ben ik nog wat vergeten?

1 2 3 8