Noorwegen, de toekomst

Wie had dat gedacht? Ik heb een zoon, Afbeeldingsresultaat voor vlag noorwegendie in Noorwegen wil gaan wonen… de zoon, die net als ik in het basisonderwijs wil gaan werken, heeft de liefde van zijn leven gevonden in Bergen.

Ik heb zelf altijd een grote voorliefde voor Noorwegen gehad. Al in 1993 gingen we voor het eerst op rondreis door de bergen, sneeuw, bergpassen en langs watervallen en gletsjers. Geweldig land met een geweldige natuur.
Omdat ik heel graag een keer de Noordkaap wilde zien, leerde ik in 2005-2006 Noors. In de zomer van 2006 waren we na 7 dagen doorrijden aangekomen op het meest Noordelijke puntje van dat langgerekte land. Daarna in 3 weken weer rustig terug. Een geweldige vakantie.
Twee jaar later waren we er weer om nu alleen een rondreis te maken in het onderste deel van Noorwegen om weer de gletsjers te bekijken en te kamperen op de mooiste plekjes.

Het meest grappige was toch wel, dat mijn middelste zoon écht niet meer naar Noorwegen wilde gaan. Het was saai en te ver weg en het brood was er vies. En omdat het reizen met 3 opgroeiende jongens toch wat lastiger was geworden, kwamen we er de afgelopen 10 jaar niet meer terug. Tot de afgelopen zomer, na twee hete zomers in Kroatië. Voor het eerst weer met z’n tweeën en helaas met een valpartij.

Maar mijn zoon wilde zijn minor van de PABO in Noorwegen gaan doen met als doel de natuur de onderzoeken in ‘Nature and glaciers’. Begin augustus vertrok hij en woonde bijna 4 maanden in Stord, een eiland onder Bergen. Naast de studie in het Engels deed hij allerlei spannende dingen als overleven in de natuur, kamperen in het wild, een gletsjer oversteken en hiken. En hij kwam terug met heel verhalen over alle avonturen… en verhalen over een meisje.

Nu, na een half jaar krijgen de plannen steeds vastere vormen. Hij gaat emigreren naar Noorwegen en gaat in Bergen wonen. Hij gaat eerst een jaar allerlei baantjes doen als gidsen in het Engels en daarnaast Noors leren, zodat hij daarna nog een master kan doen daar of al kan gaan werken in het onderwijs daar. Wie had dat gedacht? Ik zeker niet.

Ik wil best wel een keer mee gaan kijken op de school waar hij gaat werken. Ik ben toch wel heel nieuwsgierig naar het onderwijs daar en hoe zij dat invullen. Dus hopelijk kan ik dat in de toekomst gaan bekijken. Want dat ik regelmatig naar Noorwegen zal moeten gaan, is in ieder geval ook deel van mijn toekomst.

Mijn herstel samengevat

Eind juli brak ik tijdens mijn vakantie mijn bovenarm en schouder. Ik kreeg in het Noors advies om na 10 dagen te gaan pendelen en in Nederland nogmaals een foto te laten maken om te kijken of de breuken niet veranderd waren.
In de eerste 2 weken had ik heel veel pijn, dus maakte ik gebruik van de morfinepillen, paracetamol en heel soms de ibuprofen, die ik van het Noorse ziekenhuis mee had gekregen. Ook kreeg ik in Noorwegen de blauwe sling, die hier in Nederland veel verbazing opleverde. Het voordeel van deze sling was dat mijn arm kon hangen en dat die op zijn plek werd gehouden door de band om mijn middel heen. Ook een groot voordeel van deze sling was, dat je geen nekklachten krijgt door het gewicht!

Wat ik vooral heel lastig vond, was dat ik steeds te horen kreeg, dat het na 6 tot 8 weken wel geheeld zou zijn. De dokter, die me begin augustus in Nederland onderzocht, zei tegen me dat ik op de volgende afspraak in september al een heel eind op weg zou zijn…
Niet dus, wat een valse verwachtingen kreeg ik daarvan en wat was ik teleurgesteld! En hetzelfde idee gaf de bedrijfsarts, die me begin september belde, mij ook. Ik zou na 8 weken wel weer veel kunnen. Begin oktober zag ik het echt niet meer zitten, want wat was er mis met mij? Waarom duurde het dan veel langer? Wat deed ík fout?
Ik kreeg steeds meer behoefte aan praktische informatie. Hoe lang duurt het herstel? Hoe lang duurt het voor ik weer op mijn zij kan slapen? Hoe lang duurt het voordat ik weer pijnloos kan bewegen? Ik zocht op internet naar antwoorden, maar helaas krijg je daar na een paar keer klikken altijd de minst leuke dingen te lezen of las ik weer over diezelfde tijdsperiode van 6 tot 12 weken. Daarbij kwam dat ik in mijn omgeving ook al 5 verschillende verhalen had gehoord over hoe het in ieder geval niet goed was verlopen. Niet fijn, die info, waar je eigenlijk niks mee kunt, maar wel wat met je doet.
Mijn fysiotherapeut legde en legt me gelukkig veel uit, maar zeker in het begin heb ik veel last gehad van mijn eigen weerstand. Ik zal toch wel laten zien, dat ik sneller beter ben… Jaja… Zucht.

Na bijna 4 maanden kregen we van de arts in het ziekenhuis (bij de 5e foto!) pas een duidelijke uitleg. Zij had de tijd en nám de tijd voor ons en onze vragen.
Wat een eyeopeners: Ik snapte nu dat de breuk aan de kop van mijn schouder ervoor heeft gezorgd dat ik niks kon. De aanhechting van de spieren zit daar en bij elke beweging deed dat zeer. Ik snap nu eindelijk, dat 3 maanden herstellen een heel gewone periode is, dat er 6 maanden nodig zijn om weer de meest normale bewegingen te kunnen maken en dat ik moet verwachten pas na een jaar weer alles te kunnen, zoals m’n armen weer echt de lucht in te kunnen gooien… (áls dat al weer kan na deze breuk). En deze informatie klopte voor het eerst wat de fysio ook steeds aan mij uit had gelegd. Nu klopt het plaatje van mijn herstel pas goed en kan ik het ook aan mijn werkgever uitleggen en aan alle anderen met vragen over mijn langdurende herstel.

Omdat ik zelf zo’n behoefte had aan informatie, schrijf ik hier mijn ervaringen op. Ik hoop dat dit voor iemand anders juist weer een hulp kan zijn om de situatie te vergelijken en duidelijk maakt, wat je kunt verwachten. Natuurlijk, elke breuk is anders en elk herstel verloopt anders, maar de arts, die me uitleg gaf na bijna 4 maanden, en mijn fysiotherapeut hebben me laten weten, dat mijn herstel werkelijk verloopt als te verwachten is. En dat gaf mij voor het eerst echt rust. En dat wens ik jou ook toe.

Hieronder in schema gebracht hoe mijn herstel verliep: Lees meer

De bedrijfsarts (2)

Op 17 oktober ging ik voor het eerst van mijn leven Afbeeldingsresultaat voor herstel botbreuknaar een bedrijfsarts. Na dit gesprek schreef ik erover, omdat ik me werkelijk verbaasde over de onpersoonlijke benadering.
Ik kreeg de dag na het gesprek een verslag met heel veel tekst, maar waarin ik me wél kon vinden qua aanpassingen en tijd nemen voor herstel. Behalve dan het aantal uren per dag. Gisteren, precies 6 weken later, moest ik weer een gesprek langs bij dezelfde vrouw.  Van tevoren nam ik natuurlijk alle scenario’s door, hoe ik me zou voelen, wat ze zou zeggen en nog veel meer.

Vorige week had de arts voor het eerst telefonisch contact opgenomen met mijn directie, dus zo’n 14 weken na mijn ziekmelding. Vrij laat dus, mijn leidinggevende vroeg zich al af, waarom dat zo lang had geduurd. Ook had zij gesproken met iemand van het bestuur en die had haar verteld, dat ik het advies van de bedrijfsarts had moeten opvolgen. En dat had ik niet gedaan: de 3 dagen van 4 uur waren voor mij onmogelijk en in overleg met mijn leidinggevende hadden we een andere oplossing gevonden. Twee dagen van 3 uur op school en één dag thuis aan het werk achter de computer. En zeker nog geen lesgeven.

Ik probeerde voor het eerst een spellingles uit. Omdat ik me inmiddels beter ging voelen en minder pijn ging ervaren, had ik al bedacht dat ik na de kerstvakantie wel weer volledig aan het werk kon gaan. Dit had ik ook overlegd met de arts van het ziekenhuis (13-11) en met mijn fysiotherapeut. Mensen die er naar mijn mening toe doen, die werkelijk inzicht hebben in mijn specifieke situatie. Mijn plan met opbouw had ik overlegd met mijn leidinggevende en die kon zich erin vinden.

Ik was reuze verbaasd toen ik vanmorgen dezelfde bedrijfsarts ontmoette.
Huh? Ja!
Want deze keer had ik zo goed als te maken met een ander mens, een ander humeur, zo goed als een andere bedrijfsarts. Ten eerste stak ze meteen haar hand uit, maar omdat ik mijn handen vol had, zei ze: “Oh, dat komt zo wel…” En inderdaad gaven we elkaar een hand in haar kamertje. Ze maakte een grapje, ze maakte oogcontact en leek 10 keer zo vriendelijk en toegankelijk in vergelijking met mijn eerste keer.
Ze vroeg me hoe het ging, of ik het ziekenhuis al had bezocht en wat de bevindingen daar waren. Ik vertelde over de verbeteringen, over minder pijn, dat mijn botten aan elkaar waren gegroeid en dat ik sinds twee weken mijn arm meer ging belasten. Dat ik in januari terug moet komen voor de controle.

“Dus je kunt weer aan het werk.”
“Ja, ik werk nu 3 keer 4 uur.” (Oké, pas die week voor het eerst, maar toch…)
“Dus dan kun je nu 100% gaan werken, want alles gaat goed vooruit.”
“Nee, ik heb in overleg met mijn directie een plan opgesteld om steeds meer te gaan werken.”
Ik overhandigde mijn eigen plan en liet de opbouw in uren zien tot aan de kerstvakantie. Ze vroeg: “Maar je hebt de afgelopen tijd toch 3 keer 4 uur gewerkt?”
“Nee, tot vorige week nog niet, want dat ging niet. Te veel pijn na elke werkdag en dat zat mijn herstel in de weg.”
“Ja, maar dat was wel mijn advies.”
Ik knik en ben niet van plan om de discussie verder te voeren. Dus ik zeg niks.

Na mijn werkhervattingsplan bekeken te hebben, stemt ze in. Ze ziet de opbouw in uren en omdat ik dit ook overlegd heb met mijn directie, stemt ze ermee in en typt het schema over in haar verslag. Ze typt in het verslag dat ik weer aan het werk ga op 8 januari 2018.

Aan het eind van het gesprek zegt ze: “Je gaat wel heel goed vooruit, want meestal hebben mensen toch zeker een half jaar nodig om volledig te herstellen. Dus daar kun je blij mee zijn… ”
Oké, ik weet niet goed wat ik met deze opmerking moet. We geven elkaar weer een hand en groetten elkaar. Mijn man is stomverbaasd als ik al ik al zo snel weer voor zijn neus sta. In de auto vertel ik over mijn geheel andere ervaring.

Het verslag kreeg ik vandaag binnen en weer verbaast het me, dat het precies weergeeft, wat ik zelf had bedacht. Het is zo’n rare gewaarwording, dat je tijdens het gesprek denkt, dat dit niet zal gaan lukken, dat het verslag volkomen de plank mis gaat slaan. En dat als je het dan leest, het wel klopt…

Ik hoef niet meer terug te komen, doordat ik op korte termijn mijn werk ga hervatten. Was het advies anders geweest, dan had ik dit keer wel een second opinion aangevraagd. Dat had ik ook nodig gehad, als het eerste advies strak was opgevolgd. Ben je het er niet mee eens, dan moet je actie ondernemen, dat is me wel duidelijk geworden. En wat me ook helder is, dat je van tevoren goed moet weten, wat je belemmeringen en mogelijkheden zijn, Afbeeldingsresultaat voor bedrijfsartswant dan valt er te onderhandelen. Ik ben heel trots en blij, dat ik al een plan had opgesteld en dat het al was besproken, want daardoor voelde ik me sterk staan. Had ze de 100% met directe ingang als advies opgegeven, dan was ik daar niet mee akkoord gegaan. Ook al had dat me veel stress opgeleverd, ik ben het waard om voor mezelf op te komen!

Zo ver mijn ervaringen met de bedrijfsarts.
Blij, dat ik dit niet meer hoef, ik raad het iedereen af. Pffffff!

Trots op mijn DWJKDDMPEDR

Als ik ergens trots op ben, dan is het wel op mijn poster. Op 25 augustus nam ik een foto van de lege poster van 70 bij 100 cm (uit een kleurboek).
Ik nam me voor om steeds uurtjes aan verschillende dingen te besteden, onder andere dus aan dit, om mezelf te helpen bij mijn onmacht over de dingen, die ik niet kon.

Van een lege naar een gekleurde poster, die precies vertelt waar ik blij van werd en nu nog wordt:
Doe wat je kan/kunt,
doe dat met plezier
en de rest … Pffffff!

Met dank aan Lenette van Dongen, die me inspireerde tot het doen van die dingen, die ik wél kon en kan!

De tekst, die er origineel op stond, was op zich ook wel van toepassing: “Happiness is not a destination, it’s a way of living”. Maar de nieuwe tekst past nog meer bij mij.
En nu nog beter, de poster is af en mijn botten zijn aan elkaar gegroeid. Ik maak grote stappen vooruit.

De poster met de nieuwe tekst is vandaag af en hangt nu in de huiskamer. Positief, kleurrijk en precies zo als ik in het leven wil staan. Plezier met muziek … en trots!!!

15 weken #maaréénarm

Poster in formaat B1 (weer wat geleerd) Alleen de tekst wil ik nog aanpassen…

Wat gaat de tijd langzaam en tegelijkertijd ook heel snel. De herfstvakantie is al voorbij; de wintertijd is ingegaan; mijn middelste zoon komt over drie en een halve week alweer thuis van zijn avontuurlijke 4 maanden in Noorwegen; ik heb 1 héél dik fotoboek afgemaakt en ben bezig met nog eentje; ik heb mijn poster bijna af; ik ben een vest aan het haken, waar ik vorig jaar mee gestart was; ik lees een paar boeken tegelijkertijd en kijk televisie; ik volg series, die ik nog nooit eerder heb gevolgd. En o ja, ik ga naar de fysiotherapeute en naar mijn werk en ik oefen me helemaal gek met elke dag schouder-, arm- en elleboogoefeningen. En sinds vorige week sta ik ook een paar minuten op de crosstrainer, ook een hele overwinning.

Natuurlijk wordt me dagelijks gevraagd, hoe het met me gaat. Het gaat steeds beter met mij, persoonlijk en met mijn bovenarm. Ik heb me ook voorgenomen, alleen maar steeds te zeggen, dat het beter gaat. En pas als iemand verder vraagt meer te vertellen. Zo positief mogelijk. Ik kan elke dag weer iets meer en kan elke dag weer een beetje verder bewegen. Ik merk dat ik de laatste 2 weken écht vooruit ga en dat ik me beter ga voelen. Wat me echt heeft geholpen, is de aanschaf van dit ding: een Afbeeldingsresultaat voor blauwe jblmuziekbox: Dat ik van muziek houdt, dat wist ik wel, maar als je de hele dag naar de radio luistert, word je stapelgek van alle reclame, nieuws en verkeersmeldingen. En met dit ding draai ik ook via Spotify leuke muziek. Ook luister ik graag naar de songs, die ik op mijn telefoon heb staan en wil ik erop ‘dansen’, zodat ik nog meer in beweging kom. Dansen is een groot woord, want op en neer springen doe ik echt nog niet… :).
Maar je snapt me vast wel.

Maar goed, ik ben in beweging… ik wil zo graag weer de oude Nienke worden en met mijn armen wijd in de lucht laten zien, dat ik vrij ben. Vrij van pijn, vrij van die belemmering in mijn spieren, vrij van de angst om onverwachte bewegingen te maken, vrij om te gaan en te staan waar ik wil (en niet te moeten afwachten totdat iemand mij ophaalt, wegbrengt of tot de taxi komt). Onafhankelijk zijn, dat wil ik weer!
Graag weer gewoon slapen op mijn zij, zonder kussens aan alle kanten ter ondersteuning. Me ’s nachts omdraaien, zonder dat ik wakker wordt. En ik ben op de goede weg, want ik ga nu nog meer 3 keer per week ’s nachts uit bed in plaats van elke nacht.

“Word ik gek van het thuis zitten?” Dat vragen mensen mij ook. En dan verbaas ik mezelf, want nee, gek word ik niet. Blijkbaar kan ik me heel goed zelf vermaken. Ik vind altijd wel wat te doen, te maken of te lezen.
Natuurlijk mis ik de gezelligheid van mijn collega’s en de lol, die ik heb bij het lesgeven aan kinderen. Het is dan ook heel fijn, dat ik nu één keer per week op school ben om met groepjes kinderen te werken aan klokkijken, een van de struikelblokken in groep 5. En een tweede keer ben ik er om andere dingen te doen, als vergaderen of coachen.

Ik ben er achter gekomen, dat ik zelf in het begin van het schooljaar veel te hard van stapel liep. Ik zou wel snel beter zijn, ik zou wel snel weer aan het werk gaan. Die controle loslaten en het herstel zijn eigen gang laten gaan, was mijn grootste leerpunt. En omdat ik zelf zo graag wilde, gingen anderen daarin mee. Dus kreeg ik meer vragen om te werken, zoals wat kun jij wel doen van de taken op school en ik moest echt leren om naar mijn lijf te luisteren: “Ik kan het gewoon even niet, punt.” Nee zeggen en dat aan mezelf toegeven ging gepaard met huilbuien en boze buien… dat ik dit nu toe kan geven, vertelt me, dat ik al stappen heb gemaakt. En geeft me veel lucht.

Vandaag in gesprek met mijn leidinggevende kon ik zeggen, dat ik denk dat ik na de kerstvakantie pas weer volledig aan het werk kan gaan en dat ik de komende weken ga zorgen, dat ik op de eerste plaats beter bewegen kan en op de tweede plaats steeds langer op school kan en wil zijn. Zorgen voor uithoudingsvermogen, controle over mijn spieren en spierkracht, dat zijn mijn huidige doelen. En dus niet meer zoals in het begin mezelf maar pushen, maar tijd nemen om gezond bewegend te worden.

Pfff, 15 weken bezig met herstellen en revalideren, dat is dus op dit moment 3 maanden en 2 weken. Bizar, dat het zo lang duren moet… Afbeeldingsresultaat voor pink ribbonen toch prijs ik mezelf gelukkig, want mijn verzuim en herstel zijn van korte duur als ik het vergelijk met andere mensen om me heen. Lieve M en P, strijden tegen die nare ziekte is vele malen erger dan dit. Jullie bezoekjes hebben me toch wel doordrongen van het feit, dat als je ziek bent en je het niet ziet aan de buitenkant, dat je dan moet vechten voor begrip, zeker als het langer duurt.

Alles is betrekkelijk, ook voor mij.

Make today amazing!!!

1 2 3 10